Inleiding:Ik voeg dit
kleinood toe aan de vele vertellingen van mijn hand om zeer essentiële reden.
Het is wat de Oosterse Wijsheid ons naliet dat "weten" en "denken te weten" elkaars spiegel zijn.
"Weten"
is de abstratie en/of de overgave dat alles de Perfectie is en "denken te weten" is het weten hoe wij kunnen beheersen.
De Bijbel en vele Ooterse sprookjes, sagen en legendes zijn vertellingen van het
"weten" en komen uit de magische box van deze "Weetwijzen", waardoor zij tot op heden in zijn spiegel zijn ingevuld.
Daar komt nog bij dat alles wat in deze wereld aandacht heeft [attractieve
emotie en typisch voor het emotionele denken] onder dezelfde noemer "Denken te weten" valt.
Ik ben heel dankbaar dat er steeds meer reacties loskomen, doch veelal zijn dit reacties van mensen die zich veel
van deze "wereldse wijsheden" eigen hebben gemaakt.
Ik vind het vervelend om iedere keer weer de spiegel te tonen van al deze "denken te weten" verhandelingen en vraag U derhalve dit verhaaltje
met aandacht te lezen.
Mag ik U ten tweede vragen - louter ter bewustwording - ook de woorden die U gebruikt zelf te bestuderen. Het woord vond zijn oorsprong bij hen die "wisten" en zou als voorzegd tot het
einde der dagen zijn zuiverheid behouden.
Ook hier kunt U eenzelfde ontwikkeling bespeuren : omkering van de werkelijkheid. Zo leven wij vandaag de dag in alles in het "Tegen- Woordige" en dat is de
Babbelaeonische spraakverwarring, waarover in catagorie "Het Woord" het een en ander staat verhaald.
Een medaille heeft drie kanten
In tegenstelling zoals iedereen beleeft, heeft iedere
medaille en/of ieder levensaspect drie zijden.
Menigeen zal het te ver gaan als ik zeg dat dit de uitleg van de Goddelijke Drieëenheid is, maar toch vraag ik U dit even vast te houden.
Het is geen leuke speling van het woord en zeker niet mijn wijsheid.
Deze visie is veel ouder dan het Boek der Waarheid, dat door velen gewaardeerd en door even velen wordt verguisd vanwege de ongeloofwaardige
vertellingen.
Deze visie dateert waarschijnlijk uit de tijd van het Sanskriet en/of de tijd dat het gesproken woord (sans-criet = zonder schrijven) de enige menselijke communicatie was.
Deze tijd is de tijd, die
wij Oude Oosterse Wijsheid noemen en als we nu het verhaal van de "Drie Wijzen uit het Oosten" op deze medaille plakken krijgt ook deze speling met de waarheid een andere kleur.
Een medaille heeft drie kanten.
Zoals de boven- en onderkant elkaars spiegel zijn en/of de belevingen van zwart en wit c.q. goed of kwaad, zo is er nog een zijkant, die deze goed- en kwaad-belevingen met elkaar
verbindt.
Ik weet het : dit alles is moeilijk te verkroppen voor vele aspecten die het leven kleuren, maar wederom vraag ik U dit beeld even vast te houden.
Ik zal U één voorbeeld uit velen geven.
Ik geef U het woord oorlog.
Zelfs zij die die oorlog persoonlijk niet hebben meegemaakt, worden direct overspoeld met verschrikkelijke beelden die in onze denkhersenen zijn opgeslagen.
Die oorlogen zijn er al
sinds mensenheugenis en het aantal doden is voorzeker groter dan de mensenplaag, die nu de Aarde bewoont.
Hoe zou die wereld er hebben uitgezien als er geen oorlogen waren geweest?
Ik vrees dat ik dan moet
zeggen dat U en ik nu niet met elkaar konden communiceren!
Met anderen woorden : "Hun dood is wel ons dagelijks brood".
Die oorlogen zijn daarmee niet goed te praten, want dat is de keerzijde van de
medaille.
Maar wat is het dan wel als het niet goed en niet kwaad is?
Dan is het wat het is en dat is wat heet de "naakte waarheid".
Beide andere belevingen zijn een deel van de waarheid en…
Als U iemand de halve waarheid vertelt - meestal om eigen bestwil - vertelt U wel de leugen.
Nu willen wij - althans dat lijkt zo - allemaal graag de waarheid weten.
De een zoekt die waarheid in de wetenschap als
zijnde de bovenkant van de medaille en/of het zichtbare en…
De ander zoekt die waarheid in de onzichtbare onderkant en/of het magische en geeft dáár zijn leven aan.
Zo zijn we met z'n allen naarstig op zoek
zonder te beseffen dat we in beide slechts één deel van de levensmedaille willen doorgronden en daarmee louter op zoek zijn naar… de leugen.
"Maar", zult U misschien vertwijfeld afvragen, "Hoe vinden
we die waarheid dan wel?"
Die vertwijfeling zal nog groter worden als ik U zeg, dat het doodsimpel is.
Het is op z'n Frans gezegd "Simple com bonjours" als men het weet.
Als ik dan ook nog zeg
dat U dit alles in U hebt en eenvoudig de naakte waarheid voor de Uwe kunt inruilen zult U misschien denken…
Neen ik ben zeker geen New Age therapeut, doch geef U slechts een stukje dat ikzelf het leven
levende door schade en schande mocht leren : een stukje van de zijkant van de medaille.
De naakte waarheid is gewoon te zien in Uzelf.
Verder behoeft U niet te kijken!
Het enige wat U te doen hebt, zijn
al Uw vaste denkbeelden als overtuigingen allereerst in zijn spiegelbeeld om te keren om ze daarna beide op te slaan in de zijkant van de medaille, die heet "Het is wat het is" en/of "de naakte
waarheid".
Ik kan U zeggen dat dit eenvoudig lijkt, maar dit heet niet voor niets een monnikenarbeid te zijn.
Zij noemden dit mediteren en/of "het midden eren" en slechts een enkeling gelukte
het "verlicht te worden" van alle denkramen.
Mag ik tenslotte besluiten met één van de 1001 vertellingen van die Oude Oosterse Weetwijzen?
Er was eens een oude wijze monnik, die door velen werd
geraadpleegd vanwege zijn grote wijsheid.
Hij werd in zijn werk bijgestaan door een discipel, die de bezoekers opving en hen naar zijn meester vergezelde.
Zo kwam er op een dag een koopman tot die wijze met zijn probleem.
"Meester" - zei hij - "Ik ben koopman.
Zakelijk gaat het mij voor de wind maar… mijn vrouw is weggelopen en velen vinden mij een
onmens!
Kunt U zeggen wat ik kan doen om het geluk te hervinden?"
De monnik keek hem doordringend aan en zei: "Bekeert U tot God en Uw levenswandel zal de voorspoed hervinden".
Enkele dagen later
kwam een vertwijfeld zoeker naar God bij de meester en vroeg: "Heer, kunt U mij zeggen of God wel bestaat?"
De monnik lachte en zei: "Man! Ga het leven leven en U zult zien dat dat goddelijk is".
De vertwijfgelde "broeder" was nog niet weg of zijn trouwe discipel klamte zijn meester aan en zei "Meester, hoe kunt U nu tegen de een zeggen dat God bestaat en tegen de ander precies het
tegendeel?"
Even dacht de monnik na en zei: "Dat is nu precies waarom je mijn discipel bent".